Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.

Lagere pensioenen, meer ongelijkheid, meer risico op armoede: Planbureau becijfert impact pensioenhervorming

Meer greep krijgen op de vergrijzingskosten, zoals de federale regering wil, heeft een serieuze prijs. Dat blijkt duidelijk uit een gedetailleerde analyse van de gevolgen van de pensioenhervorming die het Federaal Planbureau heeft uitgewerkt. 

 

Niet alleen dalen de gemiddelde pensioenen, ook de ongelijkheid en het risico op armoede stijgen.

 

Kijk je naar de vervangingsratio (lees: hoe hoog is je pensioen in vergelijking met je laatste loon?) dan zie je dat de pensioenhervorming de ambtenaren hard raakt. Die vervangingsratio daalt voor hen met 15,2 procent tegen 2070. Voor werknemers is dat een daling met 7,2 procent en voor zelfstandigen met 3,2 procent.

 

Slecht voor armoederisico

Het risico op armoede stijgt ook. Bij nieuw gepensioneerden klimt dat met 0,4 procentpunt, van 5,9 procent naar 6,3 procent. Als de maatregelen op kruissnelheid zijn, groeit het armoederisico nog, simuleert het Planbureau. 

Bij alleenstaande, nieuw gepensioneerde vrouwen stijgt het armoederisico ook met 0,4 procentpunt. Bij alleenstaande, nieuw gepensioneerde mannen blijft dat risico stabiel.

 

Zodra alle maatregelen op kruissnelheid zijn, dalen de laagste pensioenen met 12,1 procent en de hoogste met 5,7 procent. 

 

 

Hoe reageert Jan Jambon (N-VA)?

Het kabinet-Jambon wijst er in een reactie op dat budgettaire impact van de pensioenhervorming aanzienlijk is en dat die ook de stelsels van werknemers, zelfstandigen en ambtenaren geleidelijk harmoniseert.

"Maatregelen die de vroegst mogelijke pensioenleeftijd verhogen, leiden tot een langere opbouw van pensioenrechten en tot een hoger pensioen en dus een hogere levensstandaard van gepensioneerden", luidt het nog. (VRTNWS)